Baardrob

Baardrob in Nederland

Naar aanleiding van de Baardrob op de Ierse kust – zie melding – wist Lenie ‘t Hart te vertellen dat op 27 juni 1988 een vrouwelijk baardrob werd gevonden bij Yerseke aan de Oosterschelde.

Op 27 juni 1988 werd op een steiger in de Julianahaven te Yerseke een jonge, vrouwelijke Baardrob gevangen. Het exemplaar had een lengte van 193 cm – zie melding.

Volgens berichten in de Provinciale Zeeuwse Courant van 30 juni 1988 had het dier al enkele dagen
in de haven en omgeving rond gezwommen voordat het sterk vermagerde exemplaar gevangen kon worden. Het dier dat circa 150 kg woog, werd per vliegtuigje vanaf het vliegveld Midden-Zeeland naar het noorden gevlogen om opgenomen te worden in de zeehondencrêche van Pieterburen.

In Pieterburen aangekomen kreeg de Baardrob een eigen bassin ter beschikking. Aanvankelijk werd het dier gevoerd met levende Forel, maar al snel bleek het ook de ontdooide Haring uit de diepvries te eten. Na enkele weken was de rob zichtbaar gegroeid, het was duidelijk dat ze zich haar tijdelijke gevangenschap wel liet gevallen.

Het was de bedoeling om de Baardrob, tegelijk met enkele Ringelrobben (Phoca hispida), weer terug te zetten in hun eigen natuurlijke omgeving ergens hoog in het noorden, ware het niet dat er op dat ogenblik een ernstige onbekende virusziekte heerste onder de Gewone Zeehonden (Phoca vitulina) van Noordwest-Europa. Deze sterk besmettelijke virusziekte bleek uiteindelijk nauw verwant aan het hondeNziektevirus.

Zeehonden besmet met deze ziekte werden op dat ogenblik ook dagelijks bij de zeehondencrèche binnengebracht. Onafhankelijk van het feit of Baardrobben en Ringelrobben gevoelig zijn voor het nieuwe virus kon men op de zeehondencrèche het risico niet lopen via het uitzetten van deze
dieren mogelijk nog virusvrije populaties in het noorden in gevaar te brengen.
Tot op heden heeft de ziekte zich wat de omvang betreft beperkt tot de kusten van Noordwest-Europa met het merendeel van de slachtoffers onder de Gewone Zeehonden.

Alhoewel de Baardrob aanvankelijk goed herstelde, is het dier uiteindelijk toch ziek geworden en op 12 augustus 1988 gestorven. Het dier vertoonde de symptomen van de nu als Zeehondenziekte (Phocid distemper virus) bekend staande ziekte.

Dit is tot nog toe de enige vondst in Nederland (zie P.J.H. van Bree, 1997. Arctische zeehonden in Zeeland. Zeeland, Tijdschrift van het Koninklijk Zeeuwsch Genootschap der Wetenschappen 6 (4) 125-128).

Op natuurtijdschriften.nl vonden we een artikel geschreven door P.J.H. van Bree en Lenie ‘t Hart: Over de eerste Baardrob, Erignathus barbatus Erxleben, 1777, in Nederland gevonden, P.J.H. van Bree & L. ’t Hart

fotomateriaal ter beschikking gesteld door Lenie ‘t Hart