Natuurpunt vraagt beschermingsplan voor de bruinvis

foto: Jan Haelters

Mechelen, 8 april 2011 – Sinds het voorjaar van 2006 zijn nog nooit zoveel bruinvissen gezien aan onze kust. De bruinvis is de kleinste der walvisachtigen. De soort komt steeds meer voor in onze Zuidelijke Noordzee. De toename van het aantal bruinvissen in onze wateren komt waarschijnlijk door een wijziging in het voedselaanbod door klimaatverandering. Spijtig genoeg vinden we dan ook regelmatig een dode bruinvis op het strand. Bijvangst in recreatieve warrelnetten is naar schatting de meest voorkomende doodsoorzaak. Om een einde te maken aan het verdrinken van bruinvissen voor onze kust, vraagt Natuurpunt aan Vlaams minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur Joke Schauvliege om een soortbeschermingsplan uit te werken.

De bruinvis is een beschermde soort.
Sinds 2003 is België meermaals door Europa op de vingers getikt omdat er te weinig maatregelen zijn om de bijvangst van bruinvissen te verhelpen. In 2007 ontving België een formele ingebrekestelling. De klacht werd voorlopig geseponeerd omdat België beloofde om het probleem aan te pakken met het nieuwe soortenbesluit. Dit soortenbesluit is sinds 2009 van kracht en voorziet de mogelijkheid om een soortbeschermingsplan op te maken, ook voor de bruinvis.

Hoog tijd voor een soortbeschermingsplan met een effectief maatregelenpakket om de bescherming van de soort te garanderen.
Met de opstart van een soortbeschermingsplan kan een forum gecreëerd worden waar de verschillende betrokkenen kunnen zoeken naar een constructieve oplossing. Er kan dan ook één maatregelenpakket afgesproken voor Vlaanderen.  Op dit moment is de regelgeving veel te versnipperd: er zijn besluiten van de Vlaamse Regering, Ministeriële besluiten, politiereglementen, een vergunning- of meldingsplicht afhankelijk van de gemeente, …  Eén nieuw Vlaams strandvisreglement is duidelijker en dus ook eenvoudiger om te registreren, controleren en handhaven.  Een verbod op recreatieve warrel- en kiewnetten, minstens van maart tot mei (wanneer de meeste bruinvisslachtoffers vallen), zou al heel wat oplossen. In die periode is ook de tong massaal aanwezig voor de kust. Op die manier kunnen traditionele vormen van visserij weer herleven en kan onze kust z’n functie van kraamkamer voor de tong weer vervullen.

Geen warrelnetten meer op het strand
Reeds jaren is er commotie rond de recreatieve warrelnetvissers, ook wel “warnetten”, “kiewnetten” of “staand want” genoemd. Bijvangst in deze recreatieve warrelnetten is naar schatting de meest voorkomende doodsoorzaak van de bruinvis. De recreatieve warrelnetten worden op de laagwaterlijn geplaatst (zie afbeelding), vissen en zeezoogdieren haken dan vast in de netten en verdrinken. De doelsoort in het voorjaar is vooral tong die tijdens die periode onze ondiepe kust opzoekt om te paaien. De recreatieve warrelnetvissers vissen dus niet enkel regelmatig een bruinvis mee, ze vissen ook de kraamkamer van de tong leeg en verstoren zo de voortplanting van de soort. Aangezien het om een recreatieve vorm van visserij gaat, zijn ze niet gebonden aan quota of andere beperkingen die gelden voor de beroepsvissers. De gevangen vis is bestemd voor eigen gebruik, maar de vissers vangen veel meer dan ze zelf kunnen consumeren. De grote visvangsten komen vaak op de zwarte markt terecht, wat oneerlijke concurrentie is voor de beroepsvissers. Een verbod op warrelnetten betekent niet dat er niet meer gevist kan worden. Andere netten zoals fuiken en platte netten kunnen nog gebruikt worden. Dit zijn de traditionele vormen van recreatief vissen die aan onze kust van oudsher toegepast worden. De opbrengst van deze netten is minder, maar aangezien het een recreatieve vorm van visserij is, zou dit geen verschil mogen uitmaken. En zo komt België ook haar internationale verplichtingen na om de bruinvis effectief te beschermen.

Bijlage: nota kustwerkgroep
een overzicht van het aantal gevonden strandingen op de website van de BMM